Op 29 december organiseert Jazz Band The Flying Dixies een Eindejaarsconcert in Porgy & Bess. Speciaal voor deze gelegenheid zal de bekende Oude Stijl Jazz cornettist Tom Goosen met hun samenspelen. Om Tom wat beter te leren kennen, hebben we hem een aantal vragen voorgelegd. We vonden het aardig om deze vragen, inclusief de antwoorden van Tom, op de website te plaatsen, zodat ook de bezoekers alvast kennis met hem kunnen maken.
(FD staat in het interview voor Flying Dixies, de letters TG staan voor de geïnterviewde, Tom Goosen.)
| FD | Waar en wanneer ben je geboren? |
| TG | Bergen op Zoom, 20 juli 1952. Zondagmorgen 08.45 uur, een zondagskind dus. Daar heb ik nog steeds veel plezier van. Ik ben niet bijgelovig, astrologie vind ik zweverig, maar dit klopt, voor mij in ieder geval. |
| FD | Wanneer ben je begonnen met muziekmaken? |
| TG | Van jongs af aan. Er stond altijd muziek aan thuis, wel veel klassiek. Vaar muziekschool op m’n 8e jaar, daarna blokfluit, gitaar en toevallig met de trompet in aanraking gekomen. Dat instrument lag me wel, daar was ik vrij snel op thuis. Nooit echt les gehad maar wel een jaar lang ‘beroeps’ geweest bij het Trompetterkorps van de Cavalerie is Amersfoort. Gouden tijd. |
| FD | Hoe ben je in de Jazz "gerold"? |
| TG | In Bergen op Zoom gebeurden er dingen in het begin van de jaren ’70. Het zal te maken hebben met het Bredase Jazzfestival dat zijn eerste afleveringen beleefde. Heel erg onder deindruk van bands als ‘Ochtenchloor’, bij jullie in Terneuzen vast nog bekend. Begonnen op banjo in het straatorkest Brandaris en toen de trompettist een keer verhinderd was daar een verpletterende indruk gemaakt. Ik mocht daarna in ieder geval geen banjo meer spelen. |
| FD | Bij welke bands/ met welke artiesten heb je zoal gespeeld? |
| TG | In Bergen op Zoom speelde ik regelmatig met een orkest dat zich ‘de Keesjes’ noemt. Een beetje New Orleans revival met veel gein en grappen. Daarna naar Breda waar mijn broer Bart al speelde in ‘Alpinorleans’. Dat was een leuk orkest waar we behoorlijk wat succes mee hadden. Ook nog in Terneuzen gespeeld. Daarna, om de liefde voor Armstrong een grotere kans te geven, de New Orleans Blackboots. Dat was geweldig; twee keer meegedaan aan het concours van het Bredase festival en twee keer tweede geworden. Toen dat orkest ophield was er gelukkig het orkest van Miss Lulu waar ik verder kon. |
| FD | Je
speelt tegenwoordig regelmatig met Miss Lulu White's Red Hot Creole
Jazzband. Zou je dit orkest eens willen omschrijven?
|
| TG | Miss Lulu komt voort uit het orkest ‘King Oliver Creole Conservenblik’ een orkest dat vanaf de jaren ’80 de muziek van King Oliver bestudeerde. Oliver was de leider van de Creole Jazzband die in 1923 in Chicago een aantal onsterfelijke opnamen heeft gemaakt met een zeer vernieuwende muziek: de collectieve improvisatie. De jonge Louis Armstrong speelde 2e cornet en had een immense bewondering voor de grote Oliver. Het is die muziek, en die van tijdgenoten als Jelly Roll Morton, Fletcher Henderson,Clarence Williams en anderen die ons boeit, omdat ze de eersten zijn. Omdat het zo fris is, zo origineel en zo vol energie. Onze eigen muziek zou ik willen omschrijven als ‘vet’. Mooie volle collectieven waarin iedereen zijn rol kent met korte soli, breaks en muzikale verrassingen. |
| FD | Heb
je al eens eerder bij Porgy & Bess gespeeld? Wat staat je nog het
meeste bij? |
| TG | Ik
heb geloof ik niet eerder in Porgy and Bess gespeeld, ik ben er wel
meerdere malen geweest en heb daar mooie dingen gehoord. De sfeer was erg
goed voor jazzconcerten, aandachtig publiek maar ruimte voor
‘ontspannen’ musiceren. Perfect. |
| FD | Ik heb begrepen dat je de solistenprijs op het Jazzfestival van Breda hebt gewonnen. Wanneer was dit en wat vond je daarvan? |
| TG | Dat
was in 1986 dus te lang geleden om daar nog op te teren. Het was
natuurlijk een enorme eer en een erkenning voor de manier waarop we met de
muziek bezig waren. Ik zeg expres ‘we’ omdat het eigenlijk voor het
hele orkest, de New Orleans Blackboots was, zo vind ik dat nog. We hadden
onszelf helemaal ingewerkt in die muziek en dat herkende de jury. |
| FD | Ben
je verliefd, verloofd, getrouwd? |
| TG | Ik ben getrouwd, inmiddels meer dan 25 jaar, en we hebben 2 dochters van 20 en 22 jaar. |
| FD | Wie zijn je voorbeelden op het gebied van Jazzmuziek? |
| TG | Daarop is natuurlijk het antwoord Louis Armstrong, de eerste jazzmusicus die ik hoorde, ik was 11 of 12 jaar, en die meteen een liefde voor het leven was. Zo’n timing, zo’n toon, zo’n aanwezigheid en zo muzikaal. Daarnaast bewonder ik alle jazzmusici die gefascineerd zijn door de muziek en in wiens spel je dat kunt horen. En dan schrik ik niet terug voor modernere jongens, hoewel ik dat zelf muzikaal niet zou kunnen bolwerken. |
| FD | Wat is je favoriete jazznummer? |
| TG | Misschien is dat wel het 2e Brandenburgse concert van Johann Sebastiaan Bach. Dat swingt vanaf noot één en dat heerlijke trompetje, dat is schitterend. En natuurlijk de takes van Armstrong met Earl Hines, twee giganten die elkaar zo waanzinnig aanvoelen, Weather Bird Rag bijvoorbeeld. |
| FD | Wat
is je lievelingseten? |
| TG | Ik
ben een groot liefhebber van goed eten, lekker, veel en beetje vet is niet
erg. Zoete toetjes ook, heerlijk. Mediterrane keuken bij voorkeur maar de
heerlijke erwtensoep van mijn vrouw laat ik niet staan. |
| FD | Wat doe je tegenwoordig allemaal op Jazz gebied? |
| TG | Tegenwoordig is Miss Lulu’s het enige orkest waar ik vast in zit. Dat is toch hard werken want je bent nooit klaar met die muziek. Daarnaast vind ik het leuk af en toe gebeld te worden om mee te spelen, zoals nu. Erg veel tijd om nog andere dingen te doen is er eigenlijk niet. |
| FD | De
leden van Jazz Band The Flying Dixies begonnen met jazzmuziek op hun 15de
jaar. De laatste tijd merken we dat er meer en meer jonge muzikanten geïnteresseerd
raken in de Oude Stijl Jazz. Wil je hun nog iets meegeven? |
| TG | Nou
dat is geweldig want ik ken niet veel jongeren die die
‘oudemannenmuziek’ leuk vinden en daar hun tijd aan besteden. Wat ik
geleerd heb is dat je, welke muziek je ook bestudeert, het de moeite loont
terug te gaan naar de uitvinders, de originelen. De Dutch Swing College
luisterde naar de Yerba Buena Jazzband, maar die had geluisterd naar King
Oliver. Dus waarom niet gelijk bij Oliver beginnen? De roots van de muziek
ligt toch in de jaren ’20, daar komt al het moois vandaan. |
Welkomstpagina The Flying Index The Flying Intro The Flying Gazette The Flying Contacts
The Flying Agenda De Ed Bardoul fanpage The Flying Greetings Links